Dag lieve meelezers,
tijd voor weer een teken van leven. (Op aandringen van Tombo: "ge moe doa wel olle weke etwo up zetn e Sien!!!!") Jena komt dichterbij, nu echt heel snel. Het afscheid nemen van iedereen is begonnen. Wat vreemd om tegen iedereen te zeggen: "tot over 'n half jaar!" Maar eigenlijk is het geen half jaar, ik ga tien weekjes, dan ben ik twee weken thuis en dan nog vijf weken les.
En misschien is Belgiƫ achterlaten nog zo erg niet. Ik zat vrijdag op de trein tussen schoolgaande jeugd, je weet wel zo'n meisjes die zo'n dikke laag schmink aanhebben, maar waardoor je hun puisten nog altijd ziet. Ze waren uit *ik noem geen namen maar het is een treinstation ergens tussen Wevelgem en Wervik* en zetten de hele trein op stelten omdat ze dachten dat ze bij 't afstappen geen tijd genoeg zouden hebben om uit de wagen te geraken. De conducteur riep zelfs door z'n microfoontje: gelieve rustig te zijn bij het afstappen. Dat had ik in die 27 jaar waarin ik tussen Leuven en Beselare pendel nu nog nooit meegemaakt. Enfin je kent dat wel, zo'n kinderen waarvan je de ouders liefst niet leert kennen. Toen dacht ik stil in m'n hoofd (je weet wel, zoals Samson ook altijd denkt: stil in z'n hoofd): in Jena zal ik DAT alvast niet meemaken. Hetzij omdat de jeugd er beter opgevoed is, hetzij omdat ik er de jeugd gewoon niet zal verstaan. Ik laat de preciese reden liever tussenbeide.
En dat gaf me ZO'n gerustgesteld gevoel dat ik jullie met veel vreugd kan meedelen: ik verlang wel een beetje tot ik vertrek.
Ganz viel Liebe, und auch viel Sonnenrot und Rosenschein!
~Sien~
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten